
In 2024 kwamen veertien jonge scooterrijders om het leven bij een verkeersongeval. Vaak hebben deze jongeren hun rijbewijs pas kort in bezit. Beginnende scooterrijders lopen een hoger risico op ongevallen dan ervaren scooterrijders.
Deze factsheet biedt een overzicht van de huidige kennis over jongeren als beginnende scooterrijders. Er wordt ingegaan op hun ervaringen in het verkeer, het aantal ongevallen waarbij zij betrokken zijn, en de factoren die bijdragen aan hun verhoogde ongevalsrisico. Ook worden mogelijke maatregelen besproken om hun verkeersveiligheid te verbeteren. Aan de hand van acht centrale vragen wordt de beschikbare kennis inzichtelijk gemaakt. De informatie is gebaseerd op wetenschappelijke literatuur, rapporten van kennisinstituten en onderzoek van TeamAlert.
Een scooter is een veelgebruikte term voor brom- en snorfietsen. Bromfietsen en snorfietsen verschillen van elkaar op de volgende punten[i]:
Volgens de wet
Vanaf 16 jaar kunnen jongeren beginnen met scooterrijles, mits zij hun theorie-examen bromfiets hebben behaald. Deze mag worden afgenomen vanaf 15,5 jaar[i]. Ook mag er op een scooter gereden worden met een motorrijbewijs of een autorijbewijs. Wanneer iemand dit (nog) niet heeft is een bromfietsrijbewijs verplicht. Iedereen die een eerste rijbewijs haalt, is een beginnend bestuurder. Het maakt niet uit welke leeftijd iemand heeft of voor welk vervoersmiddel het rijbewijs geldt. Dit betekent dat jongeren die vóór hun autorijbewijs hun scooterrijbewijs halen, beginnende bestuurders zijn. Zij hebben dan een beginnersrijbewijs voor vijf of zeven jaar. Hoe lang zij het beginnersrijbewijs houden, is afhankelijk van wanneer zij hun autorijbewijs halen[ii]. Met een beginnersrijbewijs kunnen jongeren strafpunten krijgen als de politie hen staande houdt voor een van de volgende verkeersovertredingen:
Andere definities van beginnende scooterrijders
Naast de wettelijke definitie worden ook regelmatig andere definities gebruikt voor een beginnende bestuurder. Zo kan bijvoorbeeld gesteld worden dat iemand net zo lang beginnende bestuurder is, totdat het ongevalsrisico (het aantal ongevallen per afgelegde kilometer) niet verder meer daalt[iv].
Dit is de definitie die TeamAlert hanteert voor beginnende bestuurders: bestuurders van gemotoriseerde voertuigen in de leeftijd van 15,5 jaar tot en met 24 jaar. Daaronder vallen (1) automobilisten, (2) bestuurders van brom- en snorfiets en (3) motorrijders.
In de factsheet Jongeren als beginnende bestuurders is meer te lezen over jongeren als beginnende autobestuurder.
Redenen voor gebruik scooter
Uit focusgroepen met beginnende scooterrijders blijkt dat jongeren scooter rijden ervaren als vrijheid na het halen van hun rijbewijs. Het is praktisch, sneller dan fietsen en makkelijker dan autorijden. Daarnaast vinden ze het leuk, zowel alleen als met vrienden[i]. Uit een vragenlijst onder 488 jonge scooterrijders blijkt dat ruim 80% ook vrienden heeft die scooter rijden. De meeste jongeren (67%) gebruiken de scooter alleen privé, 3,4% alleen voor werk, en bijna 30% voor beide[ii].
Bromfiets versus snorfiets
Jongeren kiezen vaker voor de bromfiets omdat deze harder mag rijden9. Door de helmplicht voor snorfietsen (vanaf 1 januari 2023) is het aantal snorfietsen afgenomen met 75.000 tot 705.000. Ruim 40.000 snorfietsen zijn omgebouwd tot bromfiets, vooral door jongeren van 16-17 jaar[iii].
Rijbewijs- en bromfietsbezit
Volgens het CBS hebben ruim 1 miljoen jongeren (16-24 jaar) een bromfietsrijbewijs, mede omdat dit automatisch wordt verstrekt bij het autorijbewijs[iv]. 82.241 jongeren bezitten alleen een bromfietsrijbewijs zonder autorijbewijs. In 2022 hadden 100.249 jongeren een snorfiets, wat 12% van het totaal was (CBS, 2022). Het aantal snorfietsers tussen 18-20 jaar daalde in 2023 met 33%. 139.937 jongeren (12% van alle bromfietsbezitters) hebben een bromfiets[v]. TeamAlert vond dat 74% beginnende bestuurders zijn (minder dan 5 jaar rijbewijs) en bijna 10% zonder bromfietsrijbewijs rijdt. Van de jongeren rijdt 58% omdat ze een autorijbewijs hebben, 43% heeft een scooterrijexamen gedaan.
Verkeersdoden
In 2024 vielen er veertien verkeersdoden onder brom- en snorfietsers in de leeftijd van 12 tot en met 24 jaar. Dit is bijna 13% van het totaal aantal (108) verkeersdoden onder jongeren van 12 tot en met 24 jaar. In totaal vielen er in Nederland 30 verkeersdoden onder brom- en snorfietsers1. Dit komt erop neer dat jongeren bij 47% van alle dodelijke ongevallen met scooters slachtoffer zijn.
Verkeersongevallen
Uit de kerncijfers over letsels verzameld via het Letsel Informatie Systeem (LIS) van VeiligheidNL blijkt dat jaarlijks gemiddeld 11.700 bezoekers van de spoedeisende hulp (SEH) (alle leeftijden) op de scooter reden ten tijde van het ongeval. Naar schatting vonden in 2020 107.000 bezoeken aan een SEH-afdeling plaats na een verkeersongeval, ruim één op de tien bezoekers liep dus letsel op naar aanleiding van een ongeval met de brommer/scooter[i].
In 2022 waren de meeste snor- /bromfietsers op de SEH in de leeftijd 12-18 jaar (2%), 18-24 jaar (28%) of 25-54 jaar (32%). Bijna een kwart van de slachtoffers (22%) was 16 of 17 jaar[ii]. Hoewel er geen volledige updates beschikbaar zijn voor al deze leeftijdscategorieën, laten recentere cijfers zien dat jongeren tussen 16 en 18 jaar een aanzienlijk en groeiend deel van de SEH-slachtoffers vormen: 27% landelijk, en zelfs 32% in Noord-Brabant. Opvallend is dat deze groep slechts 3% van de bevolking uitmaakt, wat wijst op een sterk verhoogd risico op ongevallen onder jonge snor- en bromfietsers (VeiligheidNL, 2024).
Ongevalsrisico scooterrijders
Brom- en snorfietsers hebben een hoog risico op een SEH-bezoek na een ongeval vergeleken met andere vervoersmiddelen. In 2020 waren er 150 SEH-bezoeken per 10 miljoen kilometers, een stijging ten opzichte van 130 in 2019. Dit risico ligt hoger dan bij fietsers of auto-inzittenden, hoewel het aantal gereden kilometers met brom- en snorfietsen mogelijk wordt onderschat.
Ongevalsrisico jongeren op scooter
Specifieke gegevens over het ongevalsrisico van jongeren op scooters zijn niet bekend. Wel is duidelijk dat 16- en 17-jarigen relatief vaak op de SEH belanden na brom-/snorfietsongevallen; zij vormen een derde van de slachtoffers en hebben per 100.000 inwoners de hoogste kans. Omdat het aantal gereden kilometers per leeftijdsgroep onbekend is, blijft onduidelijk of deze cijfers het risico juist of te hoog inschatten.
Jongeren als risicogroep voor overlijdensrisico
Jongeren (vooral 16-17-jarige mannen) zijn het vaakst betrokken bij dodelijke brom-/snorfietsongevallen[i]. Toch is het moeilijk om hen als risicogroep aan te wijzen vanwege onbekende blootstelling in kilometers.
Jongeren als risicogroep in het verkeer
Hoewel er nog onzekerheden zijn rond het gebruik van scooters, vormen jongeren in het algemeen een belangrijke risicogroep in het verkeer. Dit komt door hun beperkte rijervaring, de nog onvolledige ontwikkeling van het brein en hun neiging tot risicovoller gedrag dan volwassenen[ii].
Lees hierover meer in de factsheet: Jongeren en risicogedrag.
Verschillende studies hebben de factoren die ongevallen van scooterrijders verklaren onderzocht[i], een deel van deze studies richt zich ook specifiek op jonge scooterrijders[ii],[iii],[iv]. Op basis van deze studies kunnen de verklarende factoren ingedeeld worden in persoonlijke factoren, voertuigfactoren en omgevingsfactoren.
Persoonlijke factoren
Recente studies laten zien dat bestuurdersgedrag een belangrijke oorzaak is van scooter- en e-scooterongevallen. Risico verhogende gedragingen zijn onder meer te hard rijden, rijden onder invloed en afleiding zoals telefoongebruik. Uit een review van 168 studies blijkt dat vooral snelheid en alcohol structureel bijdragen aan ongevallen[viii]. Naturalistisch onderzoek toont aan dat rijden met één hand of in een groep het risico op incidenten verhoogt[ix].
Ook in Nederland is het probleem zichtbaar: volgens VeiligheidNL geeft 85% van de scooterrijders die op de SEH belanden aan dat het ongeval te voorkomen was geweest met ander gedrag[x]. Jongeren tussen 12 en 24 jaar maken bovendien 38% uit van de dodelijke slachtoffers[xi], ondanks hun relatief kleine aandeel in het verkeer.
Voertuigfactoren
Scooters zijn kwetsbare voertuigen waarbij de bestuurder weinig bescherming heeft, waardoor het risico op ernstig letsel bij een ongeluk groot is[xii]. Het dragen van een helm is één van de belangrijkste beschermingsmiddelen en vermindert de kans op ernstig hoofdletsel aanzienlijk[xiii]. Uit onderzoek blijkt dat de meeste jonge bromfietsers een helm dragen (80%), terwijl een klein deel dit nooit doet (3,9%). Daarnaast vereist een scooter goede voertuigbeheersing omdat het een evenwichtsvoertuig is, wat ervaring noodzakelijk maakt voor veilig rijden. Veel jongeren voeren hun scooter op om hogere snelheden te bereiken, wat het ongevalsrisico en de ernst van letsel bij een ongeluk verhoogt (Openbaar Ministerie, 2020). Ook komt het vaak voor dat scooters slecht onderhouden zijn, met defecte remmen of verlichting, wat de veiligheid verder vermindert.
Omgevingsfactoren
Ongevallen met scooters worden ook verklaard door omgevingsfactoren, zoals beperkt zicht door geparkeerde auto’s, natte of gladde wegen door weersomstandigheden, en lastige wegontwerpen zoals krappe fietspaden of onduidelijke voorrangssituaties.
Regels
Ten eerste zijn er technische eisen aan brom- en snorfietsen gesteld. Zo kan een bromfiets maximaal 45 km/u rijden en een snorfiets 25 km/u. Een bromfiets mag daarnaast niet op het fietspad rijden, terwijl een snorfiets juist op het fietspad moet rijden (uitzonderingen daargelaten). Ook is de helm verplicht op zowel een bromfiets als een snorfiets.
Een uitzondering op deze regels zijn gemeentes Amsterdam en Utrecht. Op basis van de infrastructuur in deze steden, met name de drukke fietspaden, is daar gekozen om snorfietsers ook op de rijbaan te laten rijden. Op deze manier worden de fietspaden ontlast van scooters, waardoor het ongevalsrisico op de fietspaden af zou moeten nemen.
Praktijkexamen
Ook is het praktijkexamen ingevoerd voor zowel brom- als snorfietsers. Het doel is om (met name) jongeren ervaring op te laten doen, voordat zij daadwerkelijk aan het verkeer zullen deelnemen. Door eerst een praktijkexamen af te leggen, laten jongeren zien dat zij het voertuig genoeg onder controle hebben om de weg op te mogen. Ook laten ze zien dat ze de verkeerstheorie om kunnen zetten naar de praktijk.
Een effect van het examen is niet helemaal duidelijk geworden. Wat echter wel duidelijk werd, is dat het bromfietsbezit onder 15- tot en met 17-jarigen in een flink tempo afnam. Hierdoor daalde het aantal ongelukken ook snel, ook al bleek dit niet significant.
Helmplicht
Zoals eerder al benoemd, geldt sinds 1 januari 2023 een helmplicht voor snorfietsers. Voor zowel brom- en snorfietsers is het dus verboden om zonder helm op de scooter te rijden. Deze helmplicht draagt bij aan het verhogen van de veiligheid van scooterrijders. Door een helm te dragen, zijn zij namelijk een stuk beter beschermd tegen harde klappen tegen het hoofd en daarmee lopen zij minder kans op hersenletsel of overlijden.
Toenemende kennis over de oorzaken van het hoge ongevalsrisico van jonge beginnende scooterrijders ondersteunen het belang van het verbeteren van hogere orde vaardigheden, opdoen van rijervaring en het verminderen van risicogedrag. In de volgende paragrafen wordt toegelicht hoe hierop wordt ingespeeld.
Verbeteren van hogere orde vaardigheden
Het verbeteren van hogere orde vaardigheden biedt mogelijkheden om het ongevalsrisico van jonge beginnende scooterrijders te doen dalen. Trainingen gericht op het verbeteren van zelfbewustzijn, gevaarherkenning, risicobewustzijn en risicoacceptatie, worden als kansrijk gezien[i],[ii]. Met name foto- en videotrainingen, waarin deelnemers leren gevaren te herkennen en situaties in te schatten, blijken effectief[iii],[iv]. TeamAlert biedt sinds 2022 een gevaarherkenningstraining aan speciaal voor scooterrijders, gebaseerd op bewezen methodes zoals het project Blikveld. Dit project is bewezen effectief in het verbeteren van het kijkgedrag en heeft positieve invloed op gevaarherkenning van jonge beginnende bestuurders op korte en lange termijn.
Opdoen van rijervaring
Jonge scooterrijders kunnen hun gebrek aan rijervaring compenseren door in een veilige setting te oefenen met verschillende verkeerssituaties. Dit kan bijvoorbeeld door te oefenen op simulators, zoals wordt gedaan tijdens ‘Scooter Elite’, een project van TeamAlert. In dit project oefenen jongeren in een simulator hoe het is om scooter te rijden. Zij komen hier verschillende verkeerssituaties tegen en moeten hier op de juiste manier op anticiperen.
Verminderen van risicogedrag
Risicogedrag in het verkeer hangt samen met bredere levensvaardigheden (‘skills-of-life’) zoals zelfcontrole, weerbaarheid en veerkracht[v]. Trainingen die deze vaardigheden ontwikkelen, hebben aangetoond het verkeersveiligheidsrisico te verminderen. Brede trainingen die ook andere risicogedragingen behandelen (bijvoorbeeld drugsgebruik) zijn effectiever dan trainingen die zich alleen op verkeer richten[vi]. TeamAlert heeft sinds 2018 twee projecten die zich inzetten op het trainen van deze ‘skills-of-life’: Muurvast en The Day After.
Gedragsveranderingsinterventies en sociale norm
Interventies op plekken waar jonge scooterrijders samenkomen kunnen risicogedrag, zoals rijden onder invloed en telefoongebruik, tegengaan. Sociale normen zijn hierbij van groot belang: jongeren passen hun gedrag aan wat zij zien als normaal binnen hun sociale groep[vii]. Het duidelijk communiceren van deze normen stimuleert gewenst gedrag en vergroot de bereidheid om ongewenst gedrag aan te spreken[viii]. Voorbeelden van effectieve communicatie zijn het tonen van gemiddelde snelheid bij wegen en landelijke campagnes als BOB en Rij Drugsvrij[ix],[x].
Het ontwikkelen van een nieuwe sociale norm kost veel tijd en vraagt om een breed gedragen aanpak. Inzetten op de sociale norm en het communiceren van gedrag van anderen in breed gedragen campagnes, is een kansrijke methode om gedrag te veranderen.